Artikelen 40 en 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Artikel 173 van de Grondwet;
Decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en de lijkbezorging en wijzigingen;
Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur en latere wijzigingen;
Omzendbrief KB/ABB 2018/4 over de hervorming van het bestuurlijk toezicht en de uitbreiding van de bekendmakingsplicht;
Omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 over de gemeentefiscaliteit;
De bepalingen in het Algemeen Politiereglement en latere wijzigingen;
Gemeenteraadsbeslissing van 18 december 2019 houdende de vaststelling retributie voor opgravingen;
In de gemeenteraad van 18 december 2019 werd het reglement retributie voor opgravingen vastgesteld voor de periode 2020-2025.
De vernieuwing van het reglement is noodzakelijk om deze belasting verder te kunnen innen.
Het vergelijkend onderzoek van diverse omliggende gemeenten toont aan dat er gedifferentieerde prijzen worden gehanteerd.
Net als alle steden en gemeenten wordt ook stad Menen geconfronteerd met de gevolgen van de torenhoge inflatie. Er is beslist om voortaan de tarieven jaarlijks aan te passen op basis van de reële evolutie van de index. Op die manier evolueren uitgaven en ontvangsten in dezelfde richting.
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie, budgetrekening 7002200 (MAR).
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen in zitting van 3 december 2025.
Enig artikel: De gemeenteraad keurt het reglement "Retributie voor ontgravingen" goed.
Retributie voor ontgravingen
ARTIKEL 1
Vanaf 1 januari 2026 wordt een retributie voor ontgravingen geheven.
Ontgraving uit de grond: 600,00 euro;
Ontgraving/openen columbariumnis en ontgraving uit urnenveld: 200,00 euro;
De tarieven, vermeld in artikel 1, worden jaarlijks aangepast aan de gezondheidsindex (basis 2013). Ze worden op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de index van de maand december van het voorgaande jaar volgens de formule:
R x I/i
waarbij
R = tarief zoals goedgekeurd in dit reglement
I = index van de maand december van het voorgaande jaar
i = index van de maand december 2025 (basis 2013)
De eerste herziening zal gebeuren op 1 januari 2027.
Het college van Burgemeester en Schepenen wordt belast met de uitvoering van deze beslissing.
De aldus bekomen bedragen worden afgerond naar een veelvoud van 10 cent:
ARTIKEL 2
De retributie is niet verschuldigd voor volgende ontgravingen:
bevolen door de gerechtelijke of burgerlijke overheid;
genoodzaakt door het overbrengen van een oude naar een nieuwe begraafplaats, van lijken die teraardebesteld werden in een in concessie gegeven grond;
ARTIKEL 3
De verschuldigde retributie wordt via factuur overgemaakt. De retributie wordt ingevorderd door overschrijving op de bankrekening van de stad met vermelding van de op de factuur opgegeven referentie of gestructureerde mededeling, via bancontact na ontvangst van de factuur of cash. De vordering moet uiterlijk betaald worden op vervaldatum.
Bij niet-tijdige betaling van de retributie wordt een eerste aanmaning kosteloos verstuurd. Voor de tweede (al dan niet aangetekende) aanmaning wordt een administratieve kost van 20,00 euro aangerekend.
De retributie zal in voorkomend geval, bij niet-betaling, ingevorderd worden via dwangbevel, zoals bepaald in artikel 177, tweede lid van het Decreet Lokaal Bestuur. Bij betwisting kan het stadsbestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen.
ARTIKEL 4
Onderhavig reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, 287 en 288 van het Decreet Lokaal Bestuur.
ARTIKEL 5
Afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur.