Artikelen 40 en 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
In de gemeenteraad van 22 december 2021 werd de retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen vastgesteld voor de periode 2020-2025.
De stad Menen en haar burgers worden regelmatig geconfronteerd met diverse afvalstoffen die worden achtergelaten op niet-reglementaire wijze.
Een correct handhavingsbeleid, waarbij naast het sanctioneren van inbreuken, ook de effectieve en integrale ruimkost wordt verhaald op de verantwoordelijke vervuiler, is een belangrijke schakel in de concrete aanpak van afval door zwerfvuil of sluikstort.
Het is noodzakelijk dat zwerfvuil, sluikstort, hondenpoep… die de publieke ruimte bevuilen, zo vlug mogelijk verwijderd worden, omdat dit past in het algemeen streven naar een nette en leefbare stad, met een kwalitatief en goed onderhouden publieke ruimte. Het verwijderen en verwerken van achtergelaten afvalstoffen vergt extra inspanningen van de stedelijke diensten en/of het inzetten van een externe firma, wat gepaard gaat met extra kosten voor de stad.
Conform het principe ‘de vervuiler betaalt’, worden deze kosten berekend en verhaald op de sluikstorter, tegen een louter kostendekkend tarief, waarbij rekening wordt gehouden met de volledige cyclus van afvalophaling en –verwerking, inclusief de kosten voor het ingezette materieel en personeel.
De retributie kan gecombineerd worden met een gemeentelijke administratieve sanctie (GAS-boete) volgens de Algemene Politieverordening (artikel 11) of met een bestuurlijke of strafrechtelijke sanctie volgens het milieuhandhavingsdecreet, gezien de kost n.a.v. ruiming door de stedelijke diensten los staat van de sanctie op de inbreuk op de politieverordening of het milieumisdrijf.
Bij uithuiszettingen ter uitvoering van vonnissen, kan men voor afvalstoffen niet terugvallen op de wet uithuiszettingen om ze alsnog op de openbare weg te plaatsen, want dat zou strijdig zijn met de principes van het Materialendecreet. De afvalstoffenwetgeving verzet zich immers tegen de illegale plaatsing van afvalstoffen, ook op de openbare weg. De verplichting tot afvoer van de afvalstoffen ligt in dergelijke gevallen bij de eigenaar van de goederen en kan niet worden overgedragen aan het gemeentebestuur. Die verplichting kan ook rusten op de eigenaar van het pand in kwestie, die de kosten voor verwijdering van afvalstoffen niet kan doorschuiven naar het gemeentebestuur op grond van de Wet uithuiszettingen.
Gelet op het overleg hierover met de hogere overheid, en de adviezen hierover verleend;
Overwegende dat het juridisch aangewezen is om de kosten voor ruiming afval niet op te nemen in het retributiereglement 'werken voor derden', doch op te nemen in een afzonderlijk retributiereglement;
Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie, budgetrekening 7020000 (MAR).
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen in zitting van 3 december 2025.
Enig artikel: De gemeenteraad keurt de "retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen" goed.
Retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen
ARTIKEL 1 - Grondslag retributie en geldigheidstermijn
Vanaf 1 januari 2026 wordt een retributie geheven voor het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen.
ARTIKEL 2 - Retributieplichtige
De retributie is verschuldigd door de persoon die de afvalstoffen achtergelaten heeft:
ARTIKEL 3 - Retributietarief en berekeningswijze
De retributie wordt als volgt berekend en vastgesteld:
a) loonkosten van:
b) inzetten van een voertuig met chauffeur tijdens het verwijderen van de achtergelaten afvalstoffen: werkelijke kostprijs bepaald op basis van duurtijd interventie conform retributie werken voor derden, inzet vrachtwagen (excl chauffeur) – prijs per uur;
c) vervoerskosten naar de overslag- of verwerkingsinstallatie: zie tarieven reglement werken voor derden;
d) overslag en verwerken: te bepalen aan de werkelijke kostprijs;
e) verbruikte goederen en/of materiaal: tegen aankoopprijs;
f) in geval van verwijdering en/of verwerking door een externe firma op verzoek van de gemeente: aanrekening aan de werkelijke kostprijs volgens de factuur van de externe firma.
ARTIKEL 4 - Betalingswijze en –termijn
De verschuldigde retributie wordt via factuur overgemaakt. De retributie wordt ingevorderd door overschrijving op de bankrekening van de stad met vermelding van de op de factuur opgegeven referentie of gestructureerde mededeling, via bancontact na ontvangst van de factuur of cash. De vordering moet uiterlijk betaald worden op vervaldatum.
Bij niet-tijdige betaling van de retributie wordt een eerste aanmaning kosteloos verstuurd. Voor de tweede (al dan niet aangetekende) aanmaning wordt een administratieve kost van 20,00 euro aangerekend.
De retributie zal in voorkomend geval, bij niet-betaling, ingevorderd worden via dwangbevel, zoals bepaald in artikel 177, tweede lid van het Decreet Lokaal Bestuur.
Bij betwisting kan het stadsbestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen.
ARTIKEL 5 - Bekendmaking en inwerkingtreding
Onderhavig reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, 287 en 288 van het Decreet Lokaal Bestuur.
ARTIKEL 6 - Melding aan de toezichthoudende overheid
Afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur.