Terug
Gepubliceerd op 22/12/2025

Besluit  Gemeenteraad

wo 17/12/2025 - 19:00

Retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen. Goedkeuren hernieuwing reglement.

Aanwezig: Tom Vlaeminck, Voorzitter gemeenteraad
Eddy Lust, Burgemeester
Caroline Bonte-Vanraes, Kasper Vandecasteele, Patrick Roose, Mieke Syssauw, Renaat Vandenbulcke, Peggy Coeman-Maerten, Angelique Declercq, Schepenen
Berenice Bogaert, Virginie Breye, Herman Ponnet, Ruben Soens, Toon Demyttenaere, Jan Verbrugge, Joke Nollet, Zeno Verschaeve, Eric Algoet, Friedel Staelens, Ben Windels, Katrien Vanneste, Jeremy Vandoorne, Sam Lernout, Valerie Vanrumbeke, Anthony Mahieu, Sophie Lefebvre, Nico Courtens, Laura Defreyne, Patrick Lepoutre, Raadsleden
Eva Vandenheede, Algemeen Directeur
Verontschuldigd: Griet Vanryckegem, Arne Beyens, Raadsleden
Bevoegdheid Orgaan

Artikelen 40 en 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.

Juridische grond
  • Artikel 173 van de Grondwet;
  • Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM) (artikelen 16.1.2., 2° en art 16.6.3, §2), waarbij sluikstorten uitdrukkelijk wordt beschouwd als een milieumisdrijf;
  • Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (Materialendecreet) (artikel 12);(Artikel 12 van het Materialendecreet verbiedt om afvalstoffen achter te laten in strijd met de voorschriften van het decreet of zijn uitvoeringsbesluiten);
  • Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur en latere wijzigingen;
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA);
  • Wet van 30 december 1975 (en latere wijzigingen) betreffende de goederen, buiten particuliere eigendommen gevonden of op de openbare weg geplaatst ter uitvoering van vonnissen tot uitzetting,  in bijzonder doch niet uitsluitend artikelen 2 en 5, inzake de algemene verplichting van de gemeentebesturen tot weghalen van de goederen op de openbare weg geplaatst ter uitvoering van vonnissen tot uitzetting, dit om een eind te maken aan de belemmering van de openbare weg.
  • Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (Nieuwe GAS-wet);
  • De Algemene Politieverordening van de stad Menen met toepassing van gemeentelijke administratieve sancties, zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 11 juni 2012 (en latere wijzigingen), in het bijzonder doch niet uitsluitend artikel 11 inzake terugvordering van kosten en artikel 103 inzake sluikstort;
  • Omzendbrief KB/ABB 2018/4 over de hervorming van het bestuurlijk toezicht en de uitbreiding van de bekendmakingsplicht;
  • Omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 over de gemeentefiscaliteit;
  • Gemeenteraadsbeslissing van 22 december 2021 houdende de vaststelling van de retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen;
Feiten Context en argumentatie

In de gemeenteraad van 22 december 2021 werd de retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen vastgesteld voor de periode 2020-2025.

De stad Menen en haar burgers worden regelmatig geconfronteerd met diverse afvalstoffen die worden achtergelaten op niet-reglementaire wijze.

Een correct handhavingsbeleid, waarbij naast het sanctioneren van inbreuken, ook de effectieve en integrale ruimkost wordt verhaald op de verantwoordelijke vervuiler, is een belangrijke schakel in de concrete aanpak van afval door zwerfvuil of sluikstort.

Het is noodzakelijk dat zwerfvuil, sluikstort, hondenpoep… die de publieke ruimte bevuilen, zo vlug mogelijk verwijderd worden, omdat dit past in het algemeen streven naar een nette en leefbare stad, met een kwalitatief en goed onderhouden publieke ruimte. Het verwijderen en verwerken van achtergelaten afvalstoffen vergt extra inspanningen van de stedelijke diensten en/of het inzetten van een externe firma, wat gepaard gaat met extra kosten voor de stad.

Conform het principe ‘de vervuiler betaalt’, worden deze kosten berekend en verhaald op de sluikstorter, tegen een louter kostendekkend tarief, waarbij rekening wordt gehouden met de volledige cyclus van afvalophaling en –verwerking, inclusief de kosten voor het ingezette materieel en personeel.

De retributie kan gecombineerd worden met een gemeentelijke administratieve sanctie (GAS-boete) volgens de Algemene Politieverordening (artikel 11) of met een bestuurlijke of strafrechtelijke sanctie volgens het milieuhandhavingsdecreet, gezien de kost n.a.v. ruiming door de stedelijke diensten los staat van de sanctie op de inbreuk op de politieverordening of het milieumisdrijf.

Bij uithuiszettingen ter uitvoering van vonnissen,  kan men voor afvalstoffen niet terugvallen op de wet uithuiszettingen om ze alsnog op de openbare weg te plaatsen, want dat zou strijdig zijn met de principes van het Materialendecreet. De afvalstoffenwetgeving verzet zich immers tegen de illegale plaatsing van afvalstoffen, ook op de openbare weg. De verplichting tot afvoer van de afvalstoffen ligt in dergelijke gevallen bij de eigenaar van de goederen en kan niet worden overgedragen aan het gemeentebestuur. Die verplichting kan ook rusten op de eigenaar van het pand in kwestie, die de kosten voor verwijdering van afvalstoffen niet kan doorschuiven naar het gemeentebestuur op grond van de Wet uithuiszettingen.

Gelet op het overleg hierover met de hogere overheid, en de adviezen hierover verleend;

Overwegende dat het juridisch aangewezen is om de kosten voor ruiming afval niet op te nemen in het retributiereglement 'werken voor derden', doch op te nemen in een afzonderlijk retributiereglement;

Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.

De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie, budgetrekening 7020000 (MAR).

Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen in zitting van 3 december 2025.

Publieke stemming
Aanwezig: Tom Vlaeminck, Eddy Lust, Caroline Bonte-Vanraes, Kasper Vandecasteele, Patrick Roose, Mieke Syssauw, Renaat Vandenbulcke, Peggy Coeman-Maerten, Angelique Declercq, Berenice Bogaert, Virginie Breye, Herman Ponnet, Ruben Soens, Toon Demyttenaere, Jan Verbrugge, Joke Nollet, Zeno Verschaeve, Eric Algoet, Friedel Staelens, Ben Windels, Katrien Vanneste, Jeremy Vandoorne, Sam Lernout, Valerie Vanrumbeke, Anthony Mahieu, Sophie Lefebvre, Nico Courtens, Laura Defreyne, Patrick Lepoutre, Eva Vandenheede
Voorstanders: Tom Vlaeminck, Eddy Lust, Caroline Bonte-Vanraes, Kasper Vandecasteele, Patrick Roose, Mieke Syssauw, Renaat Vandenbulcke, Peggy Coeman-Maerten, Angelique Declercq, Berenice Bogaert, Virginie Breye, Herman Ponnet, Ruben Soens, Toon Demyttenaere, Jan Verbrugge, Joke Nollet, Zeno Verschaeve, Eric Algoet, Friedel Staelens, Ben Windels, Katrien Vanneste, Jeremy Vandoorne, Sam Lernout, Valerie Vanrumbeke, Anthony Mahieu, Sophie Lefebvre, Nico Courtens, Laura Defreyne, Patrick Lepoutre
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Enig artikel: De gemeenteraad keurt de "retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen" goed.

 

Retributie op het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen

 

ARTIKEL 1 - Grondslag retributie en geldigheidstermijn

Vanaf 1 januari 2026 wordt een retributie geheven voor het verwijderen en verwerken van zwerfvuil, sluikstort en afval bij buitenhuiszettingen.


ARTIKEL 2 - Retributieplichtige

De retributie is verschuldigd door de persoon die de afvalstoffen achtergelaten heeft:

    • de persoon die de opdracht of de toelating gaf tot achterlaten van de afvalstoffen of de eigenaar van de afvalstoffen is hoofdelijk en ondeelbaar aansprakelijk voor de betaling van de retributie;
    • wat betreft hondenpoep is de begeleider of diegene die voor hem/haar burgerlijk aansprakelijk is, de retributie verschuldigd;
    • bij ruiming van afval naar aanleiding van een gerechtelijk bevel tot uithuiszetting zijn de eigenaar van het pand of de opdrachtgever van de uithuiszetting hoofdelijk en ondeelbaar aansprakelijk tot betaling van de retributie.


ARTIKEL 3 - Retributietarief en berekeningswijze

De retributie wordt als volgt berekend en vastgesteld:

a)     loonkosten van:

      • werklieden tijdens het verwijderen van achtergelaten afvalstoffen: werkelijke kostprijs bepaald op basis van duurtijd interventie conform retributie werken voor derden, type arbeider niveau D;
      • administratief personeel voor de opvolging van het verwijderen van de achtergelaten afvalstoffen: werkelijke kostprijs bepaald op basis van verwerkingstijd conform retributie werken voor derden, niveau C;

b)    inzetten van een voertuig met chauffeur tijdens het verwijderen van de achtergelaten afvalstoffen: werkelijke kostprijs bepaald op basis van duurtijd interventie conform retributie werken voor derden, inzet vrachtwagen (excl chauffeur) – prijs per uur;

c)    vervoerskosten naar de overslag- of verwerkingsinstallatie: zie tarieven reglement werken voor derden;

d)    overslag en verwerken: te bepalen aan de werkelijke kostprijs;

e)    verbruikte goederen en/of materiaal: tegen aankoopprijs;

f)    in geval van verwijdering en/of verwerking door een externe firma op verzoek van de gemeente: aanrekening aan de werkelijke kostprijs volgens de factuur van de externe firma. 

 

ARTIKEL 4 - Betalingswijze en –termijn

De verschuldigde retributie wordt via factuur overgemaakt. De retributie wordt ingevorderd door overschrijving op de bankrekening van de stad met vermelding van de op de factuur opgegeven referentie of gestructureerde mededeling, via bancontact na ontvangst van de factuur of cash. De vordering moet uiterlijk betaald worden op vervaldatum. 

Bij niet-tijdige betaling van de retributie wordt een eerste aanmaning kosteloos verstuurd. Voor de tweede (al dan niet aangetekende) aanmaning wordt een administratieve kost van 20,00 euro aangerekend.

De retributie zal in voorkomend geval, bij niet-betaling, ingevorderd worden via dwangbevel, zoals bepaald in artikel 177, tweede lid van het Decreet Lokaal Bestuur.
Bij betwisting kan het stadsbestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen. 

 

ARTIKEL 5 - Bekendmaking en inwerkingtreding

Onderhavig reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, 287 en 288 van het Decreet Lokaal Bestuur.

 

ARTIKEL 6 - Melding aan de toezichthoudende overheid

Afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur.